Optimisme versus realisme

Menigeen oppert om alsmaar positief tegen zaken aan te kijken, door overal vertrouwen in te hebben zonder de zaken in twijfel te trekken. Zelfs een idee dat een gezond portie twijfel verdient, dient volgens de meerderheid met beide handen aangepakt te worden, zonder stil te staan bij de eventuele gevolgen. Wie toch zijn twijfels uitspreekt, kan zich verheugen op afkeurende blikken en verwijten. Men beticht de twijfelaar van negativiteit. Maar wat men negatief noemt, is vaak juist een objectieve constatering die men vanuit de persoonlijke perceptie als negatief ervaart.

Middels onderzoek is reeds aangetoond dat zwartkijkers doorgaans dichter bij de realiteit komen met hun oordeel dan optimisten. Het verschil tussen optimisten en zwartkijkers ligt in de kracht van zwartkijkers om pijnlijke constateringen onder ogen te durven zien. Optimisten negeren als het ware de realiteit, simpelweg omdat zij de harde werkelijkheid niet kunnen verdragen. Optimisten prefereren zichzelf dom te houden, in dienst van hun gemoedstoestand. Realisten, daarentegen, staan meer open voor de werkelijkheid, ook al is de werkelijkheid niet zo rooskleurig als deze leek in onze kindertijd. Daarnaast staan realisten open voor de onzekerheden die in deze wereld schuil gaan. Verwijten van negativisme nemen realisten op de koop toe, alsook de eventuele pijn van de harde realiteit.

Realisten nemen de harde taak op zich om de wereld te waarschuwen voor onheil. Realisten nemen hun verantwoordelijkheid, door zich niet te verstoppen achter gespeeld positivisme. Positivisme verzwakt tevens de hersenen, doordat eerlijk nadenken wordt vermeden, en hiermee raakt het brein ongetraind. Toch mag men opgetogen zijn met de grote hoeveelheid optimisten in deze wereld: zij verhogen het gemiddelde consumentenvertrouwen, wat bijdraagt aan een stabiele economie en aan meer welvaart. ‘Niet denken maar gewoon doen’ is tevens een strategie die inzetbaar is binnen vele takken van sport. Zou men continu elke stap die men zet overwegen, dan zou het verloop stroef zijn, en daarmee zou het veel langer duren voordat we op de plek van bestemming aankomen. Aan de andere kant, als we direct in een willekeurige richting zouden lopen zonder van tevoren op ons kompas te kijken, dan is de kans groot dat we op de verkeerde bestemming arriveren.

Zo gekeken zijn er voor- en nadelen aan zowel optimisme als aan realisme. De meesten zijn een voorstander van optimisme, omdat ze de zware last van de realiteit niet kunnen dragen. De realist is daarentegen vaak te voorzichtig, en doet er daardoor soms te lang over om knopen door te hakken. Echter, sommige handelingen vereisen de snelheid van optimisme, andere handelingen vereisen een trage maar realistische observatie. Een weloverwogen combinatie van beide zal, gezien deze analyse, de beste resultaten leveren.

Filoso.nl – copyright ©